De kampioenen
van de hoofdklassen A, B en C
promoveren naar de topklasse.
De
periodekampioenen spelen om het
klassenperiodekampioenschap zoals
omschreven in hoofdstuk 1.22.4 van
het Bewaarnummer. De
klassenperiodekampioenen spelen met
de herkanser van de topklasse zondag
om één plaats in de topklasse. Via
loting worden de herkanser en de
klassenperiodekampioenen voor de
halve finale van de nacompetitie aan
elkaar gekoppeld. Beide halve
finales bestaan uit twee
wedstrijden. Via loting wordt
bepaald wie het thuisrecht heeft in
de eerste wedstrijd en wie het
thuisrecht heeft in de tweede
wedstrijd. De winnaars plaatsen zich
voor de finale van de nacompetitie.
De finale omvat één wedstrijd die op
neutraal terrein wordt gespeeld. Een
periodekampioen speelt maximaal vijf
wedstrijden in de nacompetitie.
1a. In een
klasse met drie periodekampioenen
spelen deze teams:
1. Een
halve competitie om het
klassenperiodekampioenschap.
Eindigen in deze competitie teams
gelijk, dan is het doelsaldo van de
halve competitie van doorslaggevende
betekenis. Is dit ook gelijk, dan
beslist het aantal punten behaald in
de oorspronkelijke competitie. Mocht
ook dit niet tot een beslissing
leiden, dan is het doelsaldo van de
oorspronkelijke competitie
beslissend. Indien ook dit geen
uitsluitsel geeft, dienen
strafschoppen op de wijze zoals,
al naar gelang van toepassing,
is bepaald in de "Spelregels
veldvoetbal" uitkomst te bieden.
Artikel 1a
houdt in dat zonodig direct na
afloop van iedere gespeelde
wedstrijd strafschoppen moeten
worden genomen.
2. Alle
periodekampioenen zullen in de halve
competitie een thuiswedstrijd
spelen. Voor de volgorde van de te
spelen wedstrijden geldt dat de
kampioen van de eerste periode de
eerste wedstrijd thuis speelt tegen
de kampioen van de tweede periode.
3. De
verliezer van deze wedstrijd speelt
de tweede wedstrijd tegen de
kampioen van de derde periode.
Indien de eerste wedstrijd in een
gelijk spel eindigt, wordt de
kampioen van de eerste periode
aangemerkt als verliezer en speelt
in de tweede wedstrijd uit tegen de
kampioen van de derde periode.
4. Bij winst
van de kampioen van de eerste
periode in de eerste wedstrijd wordt
de tweede wedstrijd als volgt: de
kampioen van de tweede periode thuis
tegen de kampioen van de derde
periode.
5. De derde
en laatste wedstrijd gaat tussen de
winnaar van de eerste wedstrijd en
de kampioen van de derde periode en
wordt een thuiswedstrijd voor het
team dat nog niet thuis heeft
gespeeld.
Schema:
-
maandag 20 mei:
winnaar 1e periode -
winnaar 2e periode
-
donderdag 23
mei: verliezer 1e
duel - winnaar 3e
periode
-
zondag 26 mei:
winnaar 1e duel -
winnaar 3e periode
De nummers 11 en
12 van de hoofdklassen A, B en C
zijn herkansers. De herkansers
spelen tegen de periodekampioenen
van de 1e klassen conform
onderstaand schema:
- De herkansers
van de hoofdklasse A worden
gekoppeld aan de periodekampioenen
van de 1e klasse A en B;
- De herkansers
van de hoofdklasse B worden
gekoppeld aan de periodekampioenen
van de 1e klasse C en D;
- De herkansers
van de hoofdklasse C worden
gekoppeld aan de periodekampioenen
van de 1e klasse E en F.
Voor de volgorde
van deze wedstrijden en de van
toepassing zijnde bepalingen wordt
verwezen naar hoofdstuk 1.22.3.
De nummers 13 en
14 degraderen rechtstreeks naar de
1e klasse.